Ik sliep met een robot en het was heerlijk

De slaaprobot Somnox van studenten van de TU Delft is een pionierende blik in de toekomst van slapen (met een robot).

|
mei 24 2016, 11:57am

"Wat is dat?"

"Een slaaprobot. Een robot om mee te slapen."

"Maar je hebt mij toch?"

Zo begon de eerste avond met Somnox, een slaaprobot die ontwikkeld werd door een groep studenten van de TU Delft. De robot is een soort grote zachte pinda waar je een arm overheen kan leggen om lepeltje-lepeltje mee te liggen. De pinda 'ademt'. Althans, er zit een mechanisme in dat de ademhaling van een partner simuleert. Een beenloze, hoofdloze, haarloze, witte, pindavormige partner. Volgens de makers, een groepje ontzettend schattige "ingenieurs in opleiding," zou die ademhaling rustgevend werken en mensen helpen om makkelijker in slaap te vallen. Aangezien ik groot fan ben van ongemakkelijke ervaringen met robots, moest ik 'm uitproberen.

"De robot is niet voor eenzame mensen per se," verzekert medeoprichter Julian Jagtenberg me hier op kantoor. "Onze doelgroep is vooral mensen tussen de veertig en zestig, waarvan de kinderen het huis uit zijn, die zich willen focussen op hun carrière. Dit zijn de mensen die volgens onderzoeken het slechtste slapen."

Het is een intrigerend idee: de schijnbaar slaapbevorderende onderdelen van een bedpartner vervangen door een robot. Het is ook een raar idee: alsof ze de verschillende factoren van slapen met een partner los van elkaar trekken en alleen de effectiefste factoren voor slaapstimulatie nabouwen in een robot.

"In de ontspanningsscene," begint Jagtenberg over iets wat blijkbaar bestaat, "staat ademhaling centraal. Daarom hebben we dat als uitgangspunt voor de robot genomen. Het vormpje wordt groter en kleiner. Als je je focust op de ademhaling van de robot, dan werkt het afleidend en ontspannend." Volgens Jagtenberg hebben ze dit idee ook gebaseerd op verschillende slaaponderzoeken.

Het team, waarvan de leden allemaal van andere studies komen, bedacht het idee tijdens een minor robotica. "De meeste mensen zien een robot als iets mechanisch, iets hards. Wij wilden het archetype robot omkeren. Je kent het begrip soft robots wel?" Voor de argeloze lezer: soft robotica is precies wat je denkt dat het is – een stroming binnen de robotica die zich richt op het ontwikkelen van zachte robots.

Ze kwamen binnen dat idee al gauw uit op een robot om mee te slapen.

Voor de vorm gebruikten ze de analogie van een bedpartner. "Hoe liggen mensen als ze lepeltje-lepeltje liggen?" Aanschouw de oplossing:

Beeld met dank aan Somnox

De vorm werd dus een enorme pinda/tiktak/tampon. Maar er was nog een probleem. Mensen moesten ermee in bed willen liggen. Het moest een object zijn wat je moet wíllen knuffelen. Helaas voor de ingenieurs bestond er echter "geen eenheid voor knuffelbaarheid."

Ze moesten dus op pad langs allerlei beddenwinkels om dan maar zelf te gaan voelen wat goede materialen zouden zijn voor een slaaprobot. Uiteindelijk kwamen ze uit op traagschuim met een paar lagen textiel eromheen.

Wat er aan de binnenkant zit hielden ze liever geheim omdat ze er nog een patent op willen aanvragen. Het komt echter neer op een soort skelet "inclusief ruggengraat en ribben" met daarin een mechanisme dat de 'buik' van de pinda op en neer doet gaan. Ik mocht 'm dus ook niet stiekem openmaken om erin te kijken.

De robot is te 'besturen' via een app op een smartphone. Met de app kan je onder andere instellen hoe snel de robot ademt, wat voor kleur licht de pinda geeft en of er wel of geen rustgevende muziek uitkomt. In de toekomst willen de studenten hier nog een wekker aan toevoegen.

En over de toekomst gesproken: de robot heeft ook sensoren aan boord, die gebruikt zouden kunnen worden om de ademhaling van de robot aan te passen aan de ademhaling van de gebruiker. "Het is dus niet alleen een passief systeem. De volgende stap is om data van de sensoren te gaan checken. We willen een leeralgoritme erin stoppen dat data analyseert en bepaalt wat de optimale settings zijn om bij te slapen."

Uiteindelijk willen ze dat het algoritme, net als van die slaapapps op telefoons, de beste tijd kan bepalen om wakker te worden. Maar ook dat mensen in langeafstandsrelaties hun ademhalingsritme via de robot kunnen delen met hun geliefde. En nog verder de toekomst in zouden ze zelfs nog geuren kunnen toevoegen die de slaap bevorderen of de geur van een partner simuleert.

Niet dat dat betekent dat hun ambities voor het heden gering zijn, trouwens. "We zouden willen dat de robot een vervanging wordt voor medicijnen. Slaap is een groot probleem." Dat laatste kon ik alleen maar beamen, dus ik mocht de robot een paar nachten mee naar huis.

Voordat ze me – met enige tegenzin, want het is toch een soort baby van ze – achterlieten met de robot, waarschuwden ze nog dat het een prototype is. "Op het moment maakt hij best veel lawaai. Het is nog een prototype, vooral als proof of concept bedoeld." Ze lieten het geluid even horen. Het klonk alsof de robot licht snurkte. Dat klinkt eigenlijk precies als hoe je je dat nu voorstelt. Maar voor de zekerheid en voor al onze fantasieloze lezers heb ik het geluid ook opgenomen:

Het is best een zwaar ding (± 5 kg) om mee je bed in te nemen. Tevens zit er ook een gigantische transformator aan die de stroom levert. Je kan je er dus niet heel makkelijk mee omdraaien. In bed lijkt de robot ook ineens een stuk groter. Maar ik moet zeggen dat er echt iets lijkt te zitten in het idee van de studenten.

De robot voelt zacht maar toch stevig, en de ademhaling – hoewel die inderdaad nog een beetje luid is – werkt echt als iets waar je je aandacht op kan vestigen en rustig van wordt. Het voelt als een soort knuffel voor volwassen (en nu niet vieze dingen gaan denken), een apparaat waar ik me aan zou kunnen hechten. Een ander voordeel, ten opzichte van een menselijke bedpartner, was dat het ding geen benen heeft, dus dat die nooit in de weg zitten. Of koude voeten heeft.

Terwijl ik ermee in mijn armen lig, bedenk ik dingen die de ervaring nog beter zouden kunnen maken – en totaal mogelijk zijn! Wat nou als 'ie podcasts of audioboeken kan afspelen om je slaap te sussen, en die automatisch pauzeert als je in slaapt valt? Wat nou als 'ie zich aanpast aan de temperatuur in de kamer, en in de winter lekker warm en in de zomer lekker koud is? Wat nou als er straks echt een Internet of Things is en de robot alvast aan je verwarming en je ontbijtrobot doorgeeft dat je zo wakker wordt? Wat als… ik dreef langzaam richting slaap.

Slaap is een van de weinige dingen waar technologie nog geen goede plek heeft gevonden, en ook iets waar veel mensen van denken dat technologie er ook geen plek heeft. Maar als ik bedenkers Julian Jagtenberg, Stijn Antonisse, Job Engel en Wouter Kooyman van Guldener mag geloven, dan vinden de meesten het minder gek dan je zou denken. "Mensen denken dat anderen het raar vinden als je met een robot slaapt, maar in de praktijk reageert bijna iedereen positief op het idee," zegt Antonisse.

En ik moet ze gelijk geven. Het klinkt in eerste instantie gek, een robot om mee te slapen, maar dat komt vooral omdat het beeld van de gemiddelde robot zo anders is dan wat deze zachte knuffelpinda is. Ik denk dat heel veel al dan niet eenzame mensen hier iets aan zouden kunnen hebben. Het is namelijk niet heel anders dan een knuffel – maar dan een knuffel die je proactief helpt om in slaap te vallen, een knuffel waar je jezelf niet voor hoeft te schamen als volwassene.

De makers zitten nog allemaal in het laatste jaar van hun bachelor, maar ze zijn volop bezig met het realiseren van dat ideaal. Ze zoeken nog naar een potentiële samenwerking met een beddenmerk die ze zou kunnen helpen om hun product verder te ontwikkelen en het op de markt te brengen. In de toekomst zien ze zich als "trotse eigenaars van Somnox Corporation" en alles wat ik kan doen is ze niets dan succes daarin wensen. Ik gun namelijk iedereen een eigen slaaprobot, zelfs als je een echt mens hebt om naast te slapen.

Als je Somnox zelf wil proberen, dan kan dat gewoon. De makers staan van 1 t/m 3 juni bij het (gratis toegankelijke) International Festival of Technology in Delft.