We lopen het risico genetische ongelijkheid in ons DNA te schrijven

Het is belangrijk dat we de morele implicaties van dit onderzoek nu al gaan bespreken.

|
12 september 2016, 7:20am

Beeld: Kitron Neuschatz

Stel je voor dat je een chip in je hoofd hebt waardoor je beter kunt denken, of die kunstmatig bloed in je haarvaten pompt waardoor je uithoudingsvermogen verbetert. Met genetische modificatie is dit in de toekomst wellicht mogelijk.

Wetenschappers zijn nog vroeg in het proces, maar het is nu al mogelijk om DNA aan te passen. We kunnen daarmee potentieel ziekten uitroeien, maar een andere toepassing is dat we ideale eigenschapen isoleren en aanpassen naar onze wensen. Intelligentie, lengte – onze kinderen kunnen we precies zo vormgeven als wij willen. Dit is echt nog toekomstmuziek. Toch worden mensen hier nu al ongemakkelijk van. Uit een Amerikaans onderzoek bleek dat meer dan de helft van de mensen hun kind niet zouden willen aanpassen - zelfs als ze daarmee toekomstige ziekten kunnen voorkomen.

Bijna 70 procent van de participanten zei dat ze eerder bezorgd zijn over deze ontwikkeling dan enthousiast. Ze zien het als "rommelen met de natuur", ook al gebruiken we al duizenden jaren vergelijkbare technologie, door bijvoorbeeld gewassen of dieren op bepaalde eigenschappen te selecteren.

Ik vind genmodificatie niet tegennatuurlijk – het argument wortelt in een romantisch en nostalgisch beeld van wat natuurlijk is en zou moeten zijn. Maar de natuur is geen harmonisch, sluitend geheel – de natuur is niet stabiel en hoeft niet met rust gelaten worden. Natuur is rommelig, evolutie maakt fouten, en bovendien is de natuur veranderlijk; de natuur is zélf een gigantisch genetisch modificatielab. Wat ik wel zorgwekkend vindt zijn de maatschappelijke implicaties. Genmodificatie kan tot grotere ongelijkheid leiden. Voor het eerst in de geschiedenis zouden er werkelijk 'supermenschen' gecreëerd kunnen worden.

Chinese wetenschappers hebben al twee keer de genetische modificatietechniek CRISPR gebruikt om menselijke embryos te modificeren. Ze hebben geprobeerd om niet levensvatbare embryo's immuun te maken voor HIV, en nog een keer om een zeldzame longaandoening te verhelpen. De embryo's zijn daarna vernietigd, want er geldt nog altijd een moratorium op genetische modificatie bij levensvatbare embryo's, maar de wetenschap gaat snel. En het is belangrijk dat we de morele implicaties van dit onderzoek nu al bespreken, en niet pas achteraf als er al een enorme genetische ongelijkheid is ontstaan tussen rijken en armen, en landen die wel beschikken over hoogwaardige genetische technologie, en landen die dat niet hebben.